Door Areaal Advies
  • Artikel

Woningcorporaties en warmtenetten: waarom de cruciale schakel in de energietransitie afhaakt

Begin 2024 sloeg de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) een duidelijke toon aan: Amsterdamse corporaties stoppen voorlopig met het aansluiten van woningen op warmtenetten. Een ferme boodschap, met verstrekkende gevolgen. Want juist deze partijen, verantwoordelijk voor circa 40% van de Amsterdamse woningvoorraad, zouden een sleutelrol spelen in de ambitieuze warmtetransitie van de hoofdstad.

Met het doel om in 2040 volledig aardgasvrij te zijn, mikte de gemeente op grootschalige aansluiting van woningen op collectieve warmtenetten. Onder het project ‘Warm Amsterdam’ zouden tienduizenden woningen worden verduurzaamd. Het besluit van de woningcorporaties legt echter een bom onder de Amsterdamse warmte-ambities. De vraag is niet óf, maar hoe de motor van de transitie draaiende gehouden kan worden nu de belangrijkste speler op de rem trapt.

In het kader van zijn afstudeeronderzoek aan de Universiteit Utrecht voerde Herbert van den Hardenberg vanuit Areaal Advies een verdiepend kwalitatief onderzoek uit naar deze kwestie en doken we in de praktijk van het project ‘Warm Amsterdam’. Het leverde niet alleen actuele inzichten op, maar ook concrete handvatten voor de toekomst.

De kern: externe barrières verlammen interne slagkracht

Woningcorporaties nemen momenteel een terughoudende, vaak passieve houding aan in de warmtetransitie. Niet vanwege onwil of gebrek aan kennis, maar door een combinatie van externe factoren: onzekere businesscases, stijgende kosten en ontbrekende regelgeving maken het voor hen onmogelijk om garanties te bieden op betaalbaarheid. En betaalbaarheid staat voor woningcorporaties voorop.

Als verhuurders van veelal financieel kwetsbare huishoudens willen zij hun huurders beschermen tegen plotseling stijgende energielasten. Die vrees is niet ongegrond: in bestaande warmtenetten is het vastrechttarief soms met 30% gestegen. Zolang onduidelijk blijft wie zulke kostenstijgingen opvangt (overheid, energiebedrijf of eindgebruiker) houden corporaties de boot af.

Daar komt een ander knelpunt bij: woningcorporaties mogen pas overstappen op een warmtenet als minimaal 70% van hun huurders instemt. En dat blijkt steeds lastiger. Warmtenetten kampen met een imagoprobleem; huurders zijn kritisch over de kosten, het gebrek aan transparantie en de beperkte keuzevrijheid. Hierdoor voorzien corporaties onvoldoende draagvlak en nemen zij logischerwijs een afwachtende houding aan.

De casus ‘Warm Amsterdam’: goede intenties, lastige praktijk

Deze zaken speelden ook binnen het project ‘Warm Amsterdam’. Om warmtenetaansluitingen financieel haalbaar te maken, spraken partijen af dat woningcorporaties een deel van het vastrechttarief van hun huurders zouden compenseren. Zo zouden de totale energielasten vergelijkbaar blijven met die van gas. Dat moest betaalbaarheid waarborgen, het vertrouwen van bewoners vergroten en instemming mogelijk maken. In de praktijk leidde dit echter tot forse knelpunten. Door stijgende vastrechttarieven, aangejaagd door inflatie en hogere materiaal- en personeelskosten, werden corporaties geconfronteerd met een steeds grotere compensatieverplichting, die financieel niet langer houdbaar was.

Corporaties kwamen in toenemende mate in beeld als ‘financiële sluitpost’ van het project: niet als klant, maar als partij die het gat moest dichten om de businesscase sluitend te krijgen. Dat botst met het uitgangspunt dat warmtenetten een oplossing met de laagste maatschappelijke kosten voor álle partijen zouden moeten zijn. Bovendien wringt het aan twee kanten voor corporaties. Enerzijds hebben ze de verantwoordelijkheid om woonlasten betaalbaar te houden, anderzijds worden ze geacht te investeren in verduurzaming. Die twee taken komen steeds vaker op gespannen voet met elkaar te staan, zeker nu warmtenetten financieel steeds zwaarder op de begroting drukken. Corporaties benadrukken dat het niet hun rol is om structureel tekorten op te vangen; hun bijdrage aan de warmtetransitie moet passen binnen hun maatschappelijke opdracht én financiële mogelijkheden.

Daarnaast bleef de verdeling van risico’s een terugkerend knelpunt. Er was geen duidelijkheid over wie opdraait voor tegenvallers, zoals verdere kostenstijgingen. Wetgeving hierover ontbreekt nog, wat de onzekerheid vergroot en het vertrouwen tussen partijen onder druk zet.

De rol van wetgeving: onmisbaar, maar nog onvoldoende

Hoewel de nieuwe Wet Collectieve Warmte (Wcw) en de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) belangrijke kansen bieden om warmtenetontwikkelingen beter te ondersteunen, is dit pas het begin. De wetten leggen een fundament voor duidelijkere rolverdelingen en meer regie op lokaal niveau. Tegelijkertijd blijft landelijke regie onmisbaar. Zonder structurele financiële ondersteuning en eerlijke risicoverdeling blijft deelname voor woningcorporaties risicovol, zeker zolang warmtenetwarmte duurder lijkt dan aardgas. Juist daarom is een grondige aanpak nodig: landelijke kaders die betaalbaarheid garanderen en corporaties zekerheid bieden dat zij hun maatschappelijke taak kunnen vervullen zonder financiële valkuilen. Positief is dat kleinschalige warmte-initiatieven ondanks de uitdagingen doorgaan en laten zien dat met de juiste randvoorwaarden wél stappen gezet kunnen worden.

Tegelijkertijd vraagt elk project ook om vertrouwen en draagvlak. Gemeenten, energiebedrijven en corporaties moeten daarom investeren in transparantie en heldere communicatie richting bewoners, want zonder die basis en de vereiste 70% instemming komt geen enkele aansluiting tot stand.

Wat Areaal Advies kan betekenen

Bij Areaal Advies begrijpen we de complexiteit van de warmtetransitie en weten we hoe belangrijk het is om belangen, verantwoordelijkheden en risico’s helder te krijgen. Hierom ondersteunen wij overheden, woningcorporaties en andere betrokken partijen met doordacht project- en procesmanagement, begeleiden we gemeenten in het contact met warmtebedrijven en netbeheerders, en faciliteren we effectieve communicatie- en participatieprocessen met bewoners. Tegelijkertijd zien we dat de nieuwe Wcw en Wgiw wetgeving duidelijke kansen bieden om hier beter grip op te krijgen. Dankzij onze parate kennis van wet- en regelgeving vertalen we beleid naar realistische oplossingen.

Warmtenetten zijn immers het beste warmtealternatief voor veel gebieden, mits goed georganiseerd. Het is daarom tijd voor duidelijkheid, samenwerking en regie. Dan kan de motor van de energietransitie weer op volle toeren draaien.

Loop je als gemeente of woningcorporatie tegen vergelijkbare uitdagingen aan? Neem gerust contact met ons op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek. Samen verkennen we graag hoe we kunnen bijdragen aan een haalbare en betaalbare oplossing.

Interesse in het whitepaper van het onderzoek of de volledige (engelstalige) masterscriptie van Herbert? Klik op deze link.